THEMA

BELASTINGONTDUIKING ALTIJD MELDEN?

Het opzettelijk niet, ontijdig of het onjuist doen van een aangifte

De belastingadviseur moet er voor waken om van het probleem van de cliënt, zijn probleem te maken. Vaak doet hij toch aangifte met gebrekkige stukken met als argument het later aan te passen of erger, met de hoop dat de Belastingdienst het misschien niet ziet. Een veel voorkomende situatie hiervan is de suppletieaangifte omzetbelasting. Als de belastingadviseur constateert dat zijn cliënt in het verleden te weinig omzetbelasting heeft aangegeven, maar de cliënt weigert een suppletieaangifte in te dienen, dan heeft de adviseur twee keuzes. Voortzetting van de relatie met het risico om boeterechtelijk aansprakelijk te worden gesteld of beëindiging van de relatie met inachtneming van de meldplicht op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (WWFT).

Melden bij Financiële Inlichtingen Eenheid

Het komt voor dat de belastingadviseur weliswaar afscheid neemt van de cliënt, maar nalaat om een ongebruikelijke transactie te melden bij de Financiële Inlichtingen Eenheid (FIU-NL). Om boeterechtelijke en strafrechtelijke aansprakelijkheid te voorkomen, is het raadzaam om te beoordelen of sprake is van een ongebruikelijke transactie. Dit moet dan vastgelegd worden in het cliëntdossier.

Witwassen

De Hoge Raad heeft in 2008 geoordeeld dat gelden die door belastingontduiking zijn verkregen, kunnen worden aangemerkt als gelden die van een misdrijf afkomstig zijn. Belastingontduiking kan niet per definitie als witwassen worden gekwalificeerd, maar naar de huidige stand van de jurisprudentie is al snel sprake van witwassen. Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) is in ieder geval van mening dat belastingontduiking, ook al is sprake van niet aangegeven legale inkomsten en/of vermogen, altijd uit enig misdrijf afkomstig is. Bij het vermoeden van belastingfraude moet het, volgens het BFT, altijd worden gemeld.

Vierde Europese anti-witwasrichtlijn

Op 20 mei 2015 heeft het Europees Parlement de vierde anti-witwasrichtlijn aangenomen. De richtlijn moet op 26 juni 2017 in alle EU-landen zijn geïmplementeerd. In de richtlijn is opgenomen dat fiscale misdrijven die verband houden met directe en indirecte belastingen, onder de definitie van criminele activiteit overeenkomstig deze richtlijn vallen.

Conclusie

Het opzettelijk niet, ontijdig of het onjuist doen van een aangifte is een misdrijf. Indien men ten gevolge daarvan gelden behoudt die eigenlijk hadden moeten worden afgedragen, kan men volgens de Hoge Raad in beginsel stellen dat die gelden van een misdrijf afkomstig zijn. Om boeterechtelijke en strafrechtelijke aansprakelijkheid te voorkomen, dient de belastingadviseur zijn dienstverlening te staken indien zijn cliënt wenst om opzettelijk niet, ontijdig of onjuist aangifte te doen. Daarbij dient de meldingsplicht op grond van de WWFT in acht te worden genomen. Of het gemeld moet worden, zal afhangen van de omstandigheden van het geval. Leg in ieder geval de overweging schriftelijk vast in het cliëntdossier. Bij de implementatie van de vierde Europese anti-witwasrichtlijn in de WWFT is in ieder geval duidelijk dat bij belastingontduiking het altijd gemeld dient te worden.

Seminar Wetgeving & Controle

Hoe blijft u in control met de veelheid van jurisprudentie en regelgeving die over u wordt uitgestort? Leer om te gaan met privacywetgeving, meldplicht datalekken en informatieveiligheid. En wat u moet weten over de actualiteiten rondom fiscale boetes en bezwaarschriften. Op 31 maart geeft Nextens hier het seminar Wetgeving & Controle over.