THEMA

EERSTE KAMER DEBATTEERT OVER BELASTINGPLAN 2017

Wetsvoorstellen

Tijdens het debat in de Eerste Kamer op dinsdag 13 december werd er met staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën over zes wetsvoorstellen gedebatteerd: Belastingplan 2017, overige fiscale maatregelen 2017, fiscale vereenvoudigingswet 2017, Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen, Wet tijdelijk verlaagd tarief laadpalen met een zelfstandige aansluiting, Wet uitwisseling inlichtingen over rulings. Hieronder een kleine greep van de standpunten van de senatoren.

Gele kaart voor ontwerp-richtlijnen

Senator Van Rij (CDA) gaf aan dat zijn fractie verbaasd is over vier ontwerp-richtlijnen van de Europese Commissie, die naar zijn idee niet in lijn zijn met wat er in OESO-verband is afgesproken. Als het aan de CDA-fractie ligt gaat de Eerste Kamer bij drie van de vier voorstellen (CCTB -common corporate tax base-, CCCTB -common corporate consolidated tax base- en hybrids met derde landen) volgende week een "gele kaart" trekken; een zogenaamd subsidiariteitsvoorbehoud maken.

Belastingparadijs

Senator Vos (GroenLinks) noemde het schrijnend en beschamend dat het kabinet haar regeerperiode afsluit met een derde plaats op de Belastingparadijzen lijst. De senator achtte het onverteerbaar dat derde wereld landen grote bedragen aan belasting mislopen via slimme fiscale constructies van bedrijven. Naast de lege brievenbussen kent Nederland nog een hele reeks regelingen en constructies die belastingontwijking faciliteren. Zo is er voor expats met een hoog inkomen een belastingvrije voet van 30%. Wiebes antwoordde hierop: ‘Er zijn tijdens deze kabinetsperiode meer maatregelen genomen om belastingontwijking tegen te gaan dan ooit. Een deel van deze maatregelen zijn op Europees niveau afgesproken.’ De vraag over belastingontwijking gaat volgens de staatssecretaris niet alleen maar over substance; het gaat over verdragsmisbruik. Er mag niet op een verkeerde manier met brievenbusmaatschappijen worden gewerkt.

Werkenden en niet-werkenden

Verder betoogde senator Vos dat het Belastingpakket 2016, met een lastenverlichting van 5 miljard, de ongelijkheid tussen werkenden en niet-werkenden nog verder vergroot heeft. Vos vroeg waarom het kabinet in het Belastingplan 2017 niet meer gedaan heeft voor de lagere inkomens, bijvoorbeeld door algemene heffingskorting en de ouderenkorting te verhogen. Staatssecretaris Wiebes reageerde daarop dat het kabinet er op heeft ingezet dat werken zo aantrekkelijk mogelijk wordt gemaakt. Om die reden staan werkenden er nu gunstiger voor dan niet-werkenden. Dat verschil mag echter niet al te groot worden, dus wordt er serieus gekeken naar de ontwikkeling in de positie van éénverdieners.

Extreme verschillen in belastingdruk

Senator Ester (ChristenUnie) gaf aan dat ook zijn fractie betreurt dat Nederland niet de fiscale verbouwing heeft gekregen die zij zo hard nodig had. Lastenverlichting kan niet zonder stelselherziening. De marginale druk neemt volgens Ester extreme vormen aan, zeker bij éénverdieners. Ester: ‘Als je de vergelijking maakt op het niveau van een gelijk huishoudinkomen, dan kunnen de verschillen tussen éénverdieners en tweeverdieners oplopen tot een factor 6. De rechtvaardigheid is hier zoek.’ De staatssecretaris gaf toe dat een vereenvoudiging hard nodig is.

Ingediende moties

Tijdens het debat werden drie moties ingediend: Spaar-vrijstelling Senator Van Rij (CDA) diende een motie in die de regering verzoekt een spoedwet in te dienen die de spaar-vrijstelling van 25.000 euro met ingang van 1 januari 2017 verdubbelt naar 100.000 euro. Wiebes stelde dat de dekking van deze motie ondeugdelijk is en ontraadde de motie. Ouderenkorting Senator Van Rooijen (50PLUS) diende een motie in die de regering verzoekt bij het Belastingplan 2018 te regelen dat de afbouw van de hogere naar de lagere ouderenkorting geleidelijk wordt en dat de inkomensgrens van 36.057 euro wordt verhoogd. De staatssecretaris gaf aan dat hij geen beloftes kan doen over de periode van het volgend kabinet, maar zal dit voorstel wel aan het volgende kabinet zal doorgeven. Brievenbusfirma’s Senator Köhler (SP) diende een motie in die de regering verzoekt binnen een half jaar met voorstellen te komen om aan die brievenbusfirma's minimumeisen op te leggen over hun reële economische activiteit in Nederland. Wiebes stelde dat met een brievenbusfirma op zichzelf niets mis is. Er moet ingezet op het bestrijden van misbruik van belastingverdragen. De motie werd ontraden. Op dinsdag 20 december 2016 wordt over de moties en de wetsvoorstellen gestemd.