Kamerbrief: verschil PEB bepaald en onbepaald elders verzekerd

Bron: Rijksoverheid

Staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën legt in een Kamerbrief naar de Eerste en Tweede Kamer het verschil uit bij Pensioen in eigen beheer (PEB) tussen een bepaald elders verzekerd deel en een onbepaald elders verzekerd deel. Daarbij gaat hij ook in op de gevolgen van het wetsvoorstel.

Elders verzekerd deel

Bij een PEB doet de besloten vennootschap waarbij de directeur-grootaandeelhouder (dga) in dienst is (werkgever-bv) een pensioentoezegging die in eigen beheer wordt uitgevoerd. De werkgever-bv kan hierbij zelf het eigenbeheerlichaam zijn. Hierna wordt uitgegaan van deze situatie en wordt dat eigenbeheerlichaam in situaties waarin de werkgever-bv in haar hoedanigheid als werkgever wordt bedoeld kortweg de bv genoemd en in situaties waarin wordt gedoeld op de hoedanigheid van uitvoerder van het PEB als eigenbeheerlichaam aangeduid. De bv kan ervoor kiezen een deel van deze pensioenaanspraak bij een professionele verzekeringsmaatschappij onder te brengen. In dat geval wordt een deel van de pensioenaanspraak uitgevoerd door een eigenbeheerlichaam en een deel bij een professionele verzekeringsmaatschappij. Het deel waarvoor de professionele verzekeringsmaatschappij als uitvoerder optreedt kan bepaald dan wel onbepaald zijn.

Onbepaald of bepaald elders verzekerd deel

De in de praktijk veruit het meest voorkomende situatie is, zo schrijft de staatssecretaris, dat de bv aan de dga een eind- of middelloonpensioen heeft toegezegd dat gedeeltelijk wordt uitgevoerd door een professionele verzekeringsmaatschappij door middel van een op te bouwen pensioenkapitaal. Daarbij is in de pensioenbrief bepaald dat het van de verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen via het in eigen beheer gehouden deel wordt aangevuld tot het bedrag van het door de bv toegezegde pensioen. In dit geval is sprake van een onbepaald elders verzekerd deel, omdat het van de professionele verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen verplicht door het eigenbeheerlichaam wordt aangevuld tot het door de bv toegezegde pensioen. Pas op het moment van omzetting van het bij de professionele verzekeringsmaatschappij opgebouwde pensioenkapitaal in een recht op een pensioenuitkering, komt de omvang van het bij de professionele verzekeringsmaatschappij ondergebrachte deel van het uit te keren pensioen vast te staan. Op dat moment weet het eigenbeheerlichaam dan ook pas in hoeverre een aanvulling nodig is om het toegezegde pensioen te realiseren.

Het is ook mogelijk, maar in de praktijk veel minder vaak voorkomend, dat een deel van een toegezegd pensioen wordt uitgevoerd door een professionele verzekeringsmaatschappij en een deel door het eigenbeheerlichaam, maar dat er geen verplichting is het van de professionele verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen door het eigenbeheerlichaam aan te vullen tot het door de bv toegezegde pensioen ingeval het van de professionele verzekeringsmaatschappij te ontvangen pensioen lager is dan beoogd. In dat geval is sprake van een bepaald elders verzekerd deel.

Gevolgen wetsvoorstel voor elders verzekerd deel PEB

De overeenkomst met de professionele verzekeringsmaatschappij behoeft geen aanpassing. Wel moet de pensioentoezegging van de bv aan de dga zodanig worden aangepast dat de dga alleen nog verder pensioen opbouwt bij de professionele verzekeraar en niet meer bij het eigenbeheerlichaam. Dat geldt eveneens in situaties waarin niet sprake is van een onbepaald elders verzekerd deel, maar van een bepaald elders verzekerd deel.

Ook moet de inhoud van de pensioenregeling zodanig worden aangepast dat geen overgang van de elders verzekerde pensioenaanspraak naar een eigenbeheerlichaam meer kan plaatsvinden na het verlopen van de coulancetermijn. Verder moet de pensioenregeling bij een onbepaald elders verzekerd deel zo aangepast worden dat het elders verzekerde deel van het pensioen niet meer wordt aangevuld met een in eigen beheer gehouden pensioen.

In samenhang met de hiervoor geschetste noodzakelijke wijzigingen moet de pensioenaanspraak die bij een eigenbeheerlichaam is ondergebracht uiterlijk op het moment dat de coulancetermijn eindigt premievrij zijn gemaakt, aangezien het eigenbeheerlichaam vanaf dat moment geen toegelaten verzekeraar meer is. Uiteraard is op basis van het overgangsrecht het eigenbeheerlichaam nog een toegelaten verzekeraar voor de reeds opgebouwde pensioenaanspraken ingeval het PEB niet wordt afgekocht of omgezet in een oudedagsverplichting.

terug