THEMA

MEER KOOPKRACHT VOOR VEEL HUISHOUDENS

Effecten

In zijn brief heeft de minister de effecten van alle maatregelen die per 1 januari 2018 in werking treden, nog eens op een rij gezet. Hierbij is ook rekening gehouden met de ramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Bij de berekeningen is gekeken naar de ontwikkeling van de lonen in 2018, de zorgpremie, de toeslagen en de inflatie. De in het regeerakkoord afgesproken lastenverlichting heeft pas in 2019 effect en is zodoende nog niet meegenomen in de berekeningen.

Tweeverdieners

De hoogste stijging in koopkracht is 0,5% en geldt voor de tweeverdieners (met kinderen) van wie de ene partner twee keer modaal verdient en de andere een half keer modaal, voor alleenstaanden die twee keer modaal verdienen, en voor alleenstaande ouders met het minimumloon. Alleenverdieners met kinderen en een modaal inkomen gaan er gemiddeld 0,2% op achteruit. AOW’ers met een pensioen tot € 10.000 moeten 0,1% inleveren, evenals alleenstaanden (zonder kinderen) met een uitkering. Gepensioneerden met alleen AOW zien de koopkracht ongeveer gelijk blijven, evenals sociale minima met kinderen.

Loonstrookje

De loonstrookjes laten voor de meeste mensen ook een kleine verbetering zien. Maar vanwege de inflatie, de gewijzigde toeslagen en de gewijzigde zorgpremies geeft de ontwikkeling van de koopkracht een beter beeld dan het loonstrookje.