THEMA

VOOR 50% VAN DE EXPATS IS DE 30%-REGELING EEN TE RUIME FISCALE SUBSIDIE

Wie maken gebruik van de regeling?

Het aantal gebruikers van de 30%-regeling lag in 2015 op ruim 56.000 en groeide in de periode 2009-2015 met circa 7% per jaar. Gebruikers van de regeling zijn relatief vaak man (75%) en zijn aanzienlijk jonger dan de Nederlandse beroepsbevolking. De meest voorkomende nationaliteit in 2015 was de Indiase, gevolgd door de Britse, Amerikaanse en Italiaanse. Circa 90% van de gebruikers van de 30%-regeling blijkt hoger opgeleid. De voornaamste beweegreden van de gebruikers om naar Nederland te komen is werk; slechts een klein deel komt om persoonlijke redenen naar Nederland. Meer dan 40% van de gebruikers ziet zichzelf als technisch specialist. Uit data blijkt dat relatief veel gebruikers van de 30%-regeling in de academische en ICT-sector actief zijn. Het gemiddelde brutoloon ligt rond de €84.000 per jaar (exclusief vergoeding), maar varieert sterk per sector. De mediaan van de inkomens ligt op €52.000.

Forfait passend of niet?

Er blijken grote verschillen te zijn tussen groepen gebruikers: voor circa 15% van de gebruikers is het forfait te krap, voor circa 50% van de gebruikers is dit te ruim en voor circa 35% is het forfait ‘passend’. Gebruikers met hoge inkomens profiteren relatief sterk van het forfait. Voor inkomens tot €37.000 exclusief vergoeding (de inkomensgrens van de reguliere 30%-regeling) liggen de werkelijke extraterritoriale kosten (ETK) boven de grens van 30%. Vanaf €50.000 exclusief vergoeding daalt dit tot onder de 20% en vanaf €100.000 exclusief vergoeding tot onder de 6%. Dit blijkt uit het ontwikkelde ETK-model van de onderzoekers. Voor hogere inkomens vormt de 30%-regeling dus deels een (impliciete) fiscale subsidie. Verder geldt dat gebruikers uit welvarende en dichtbijgelegen landen relatief weinig ETK hebben en daarmee relatief sterk profiteren van het forfait. In de eerste twee jaar zijn de ETK relatief hoog, omdat er kostenposten zijn die (enkel) betrekking hebben op de beginperiode. Het forfait is dus te krap voor werknemers met een laag inkomen en/of afkomstig uit een land met weinig welvaart zoals wetenschappelijk onderzoekers of ICT’ers uit India. Het forfait is te hoog voor werknemers met hoge inkomens en afkomstig uit welvarende landen, zoals engineers uit de VS of managers uit Duitsland.

Is de regeling doeltreffend?

De 30%-regeling heeft drie beleidsdoelstellingen: administratieve lasten reduceren, werknemers met een specifieke deskundigheid waar schaarste voor bestaat op de Nederlandse arbeidsmarkt aantrekken en een aantrekkelijk vestigingsklimaat creëren. Volgens het onderzoek zijn alle drie de doelstellingen doeltreffend. Doeltreffendheid is gedefinieerd als ‘de mate waarin de beleidsdoelstelling dankzij de inzet van de onderzochte beleidsinstrumenten wordt gerealiseerd’. Reductie administratieve lasten De netto reductie in administratieve lasten schatten de onderzoekers in op €15 miljoen tot €65 miljoen per jaar. De reductie is feitelijk €25 miljoen tot €70 miljoen per jaar, maar de 30%- regeling kent zelf ook administratieve lasten van circa €5 miljoen tot €15 miljoen per jaar. De reductie in administratieve lasten wordt vooral gedreven door fiscaal-administratieve besparingen. De lastenreductie op het gebied van juridische en HR-aspecten zijn relatief beperkt. Deskundigen aantrekken De 30%-regeling heeft effect op het aantrekken van specifieke deskundige werknemers. Een schatting van het aantal werknemers dat door de 30%-regeling extra naar Nederland komt, is moeilijk te maken. Daarom is in het rapport gewerkt met bandbreedtes. Op basis hiervan is de schatting dat er door de forfaittaire 30%- regeling circa 1.765-5.575 additionele buitenlandse werknemers (doorgaans met een schaarse specifieke deskundigheid) in Nederland werkzaam zijn. Op basis van het onderzoek zijn er geen indicaties dat de 30%-regeling leidt tot verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt. Aantrekkelijk vestigingsklimaat De 30%-regeling lijkt met name een relevante vestigingsplaatsfactor te zijn voor (grote) bedrijven in Nederland die op het internationale toneel actief zijn. Op basis van gesprekken met experts kan gesteld worden dat de regeling doorgaans geen doorslaggevende factor zal zijn voor de vestigingsplaatskeuze, maar het kan in diverse situaties wel ‘het dubbeltje net de goede kant op laten vallen’.

Conclusie

De conclusie van het onderzoeksbureau is dat de 30%-regeling een doeltreffende en doelmatige regeling is. Wel dragen ze aanpassingen aan wat een positief effect zal hebben voor een nog betere doeltreffendheid en een beter passend forfait:
  • verkorting van de looptijd naar vijf of zes jaar;
  • vergroten van de 150-km-grens;
  • verlaging van het forfait bij inkomens boven de €100.000.
Er zijn andere aanpassingen (zoals een andere vaste forfaithoogte dan 30%) geanalyseerd, maar die liggen volgens Dialogic minder voor de hand.