
Een onjuist citaat in een processtuk kan financiële gevolgen hebben. Dat blijkt uit een vonnis van Rechtbank Amsterdam van 12 augustus 2026. In een ondernemingsrechtelijk geschil verwees een partij naar passages die uit het bekende arrest DSM/Fox zouden komen. Die passages bleken daar niet in te staan. De wederpartij vermoedde een AI-hallucinatie. De advocaat ontkende dat AI was gebruikt. De rechtbank stelde niet vast hoe de tekst was ontstaan. Toch verhoogde zij de proceskosten. Niet vanwege mogelijk AI-gebruik, maar omdat niet-bestaande rechtspraak als citaat was opgevoerd.
Aandelenkoop vormt de achtergrond van het geschil
De procedure draaide in eerste instantie om de verkoop van aandelen in een onderneming. Partijen onderhandelden begin 2024 over de verkoop van alle aandelen. Uiteindelijk kwamen zij een koopprijs van 2,1 miljoen euro overeen, met de mogelijkheid van een aanvullende earn-out. De aandelen zouden in twee delen worden geleverd.
De eerste helft werd in september 2024 overgedragen. De tweede helft zou op 1 juli 2025 volgen. Die overdracht vond niet plaats. De kopers deden onder meer een beroep op dwaling en bedrog. Volgens hen was onjuiste informatie verstrekt over de omzetverwachtingen en was relevante informatie over een belangrijke klant niet meegedeeld.
Geen dwaling door prognose of afnamegarantie
De rechtbank volgt die argumenten niet. Uit het verloop van de onderhandelingen bleek volgens de rechtbank dat de prognose voor 2024 en 2025 geen harde voorwaarde was voor het sluiten van de koopovereenkomst. De koopprijs stond al vast voordat de prognose werd opgesteld. Bovendien was deze prognose opgesteld met het oog op een financieringsaanvraag bij de bank. De rechtbank merkt daarbij op dat een prognose geen garantie is.
Ook het argument over de belangrijke klant slaagt niet. Hoewel in een document het begrip afnamegarantie voorkwam, betekende dit volgens de rechtbank niet dat deze klant een gelijkblijvende jaaromzet had gegarandeerd. Daarnaast fluctueerde de omzet van deze klant al langer. De kopers waren daarvan op de hoogte en hadden die ontwikkeling meegenomen bij het bepalen van de koopprijs.
Daarom worden de vorderingen van de kopers afgewezen. Zij moeten alsnog meewerken aan de levering van de resterende aandelen tegen betaling van in totaal 1,05 miljoen euro, vermeerderd met wettelijke rente.
Onjuist citaat in processtuk krijgt apart gevolg
Bij de beoordeling van de proceskosten komt een ander punt aan bod. In de conclusie van antwoord stond een citaat dat werd toegeschreven aan het arrest DSM/Fox. Volgens de rechtbank waren de aangehaalde bewoordingen niet in dat arrest te vinden. Ook kwamen zij niet voor in andere gepubliceerde rechtspraak.
De wederpartij stelde dat voor het processtuk AI was gebruikt en dat deze was gaan hallucineren. De advocaat van de betrokken partij ontkende dit. Hij kon echter niet achterhalen hoe de passage dan wel in het processtuk terecht was gekomen.
De rechtbank laat de oorzaak vervolgens uitdrukkelijk in het midden. Voor haar beslissing maakt het niet uit of AI daadwerkelijk is gebruikt.
Waarom verhoogt de rechtbank de proceskosten?
De rechtbank vindt het opnemen van niet-bestaande rechtspraak als citaat kwalijk. Het foutieve citaat heeft zowel de wederpartij als de rechtbank volgens het vonnis onnodig extra tijd en aandacht gekost.
Daarom verhoogt de rechtbank de proceskosten met een halve punt. Dat komt neer op 2.315,50 euro. De totale proceskostenveroordeling bedraagt daardoor 26.100,85 euro.
Opvallend is dat de rechtbank een verzoek om vergoeding van de werkelijk gemaakte proceskosten juist afwijst. Daarvoor geldt een hoge drempel. Misbruik van procesrecht of onrechtmatig procederen was volgens de rechtbank niet komen vast te staan. De verhoging vanwege het onjuiste citaat staat daar dus los van.
Wat zegt deze uitspraak over AI en broncontrole?
Het vonnis stelt niet vast dat AI is gebruikt. Evenmin oordeelt de rechtbank dat het gebruik van AI op zichzelf aanleiding geeft voor hogere proceskosten. De financiële consequentie wordt gekoppeld aan iets anders, namelijk het presenteren van niet-bestaande rechtspraak als een bestaand citaat.
Daarmee laat de uitspraak vooral zien welk gewicht de rechtbank toekent aan de juistheid van juridische bronverwijzingen. De herkomst van de fout bleef onbekend. De extra tijd en aandacht die de fout veroorzaakte, waren voor de rechtbank wel concreet genoeg om de proceskosten te verhogen.
Conclusie
Rechtbank Amsterdam maakt in deze uitspraak een duidelijk onderscheid tussen mogelijk AI-gebruik en een aantoonbaar onjuist juridisch citaat. Of AI de fout heeft veroorzaakt, blijft onbeantwoord. Vaststaat wel dat niet-bestaande rechtspraak als citaat in een processtuk was opgenomen. Dat leidde tot 2.315,50 euro extra proceskosten. Om dit te voorkomen is daarom AI op basis van gecontroleerde AI met bronvermelding niet alleen handig maar gewoon een verieste. En dat geldt niet alleen voor de advocatuur…
Zeker weten waar het antwoord op gebaseerd is?



