
Kunstmatige intelligentie krijgt een steeds vastere plek binnen de fiscale en financiële dienstverlening. Uit recent onderzoek van de NOB en SOB blijkt bijvoorbeeld dat veel fiscalisten AI inmiddels dagelijks gebruiken voor onderzoek, documentanalyse en het zoeken in wetgeving en jurisprudentie. Tegelijk is het vertrouwen in AI-uitkomsten nog beperkt.
Hoe meer AI onderdeel wordt van het dagelijkse werk, hoe relevanter ook de regels rond het gebruik ervan worden. De EU AI Act speelt daarin een belangrijke rol. De Europese wet is inmiddels verder in werking getreden en ook op enkele punten gewijzigd. Tijd dus voor een nieuwe blik op wat de EU AI Act in 2026 inhoudt.
Waarom is er een EU AI Act?
AI biedt veel mogelijkheden, maar brengt ook een aantal risico’s met zich mee. Een AI-systeem kan bijvoorbeeld verkeerde informatie produceren, mensen ongelijk behandelen of beslissingen beïnvloeden zonder dat duidelijk is hoe dat gebeurt.
De Europese Unie wil daarom ruimte bieden aan innovatie, maar tegelijkertijd de veiligheid en grondrechten van mensen beschermen. De AI Act kiest hiervoor een risicogebaseerde aanpak. Dat betekent eenvoudig gezegd dat niet ieder AI-systeem aan dezelfde regels hoeft te voldoen. Hoe groter het mogelijke risico van een toepassing, hoe strenger de eisen.
Dat onderscheid is belangrijk. Een spamfilter brengt immers heel andere risico’s met zich mee dan een AI-systeem dat bepaalt of iemand in aanmerking komt voor een baan of een lening.
Vier risiconiveaus binnen de EU AI Act
De AI Act onderscheidt vier risiconiveaus.
- Minimaal of geen risico
Hieronder valt het grootste deel van de AI-systemen. Denk bijvoorbeeld aan spamfilters en AI in computerspellen. Voor deze toepassingen gelden vanuit de AI Act weinig of geen aanvullende verplichtingen. - Beperkt risico
Bij deze toepassingen draait het vooral om transparantie. Mensen moeten in bepaalde situaties weten dat ze met AI te maken hebben. Dat geldt bijvoorbeeld voor chatbots. Ook voor bepaalde AI-gegenereerde of gemanipuleerde content gelden transparantieregels. - Hoog risico
Hier gaat het om toepassingen die grote gevolgen kunnen hebben voor iemands veiligheid of grondrechten. Voorbeelden zijn bepaalde AI-systemen voor personeelsselectie, onderwijs, kredietwaardigheid en essentiële diensten. Hiervoor gelden strengere eisen rond onder meer toezicht, documentatie en menselijke controle. Een belangrijk deel van deze regels gaat door de aangepaste planning vanaf december 2027 gelden. - Onaanvaardbaar risico
Sommige toepassingen vindt de EU zo schadelijk dat ze verboden zijn. Daaronder vallen bijvoorbeeld bepaalde vormen van social scoring, manipulatief AI-gebruik en emotieherkenning op de werkplek. Een groot deel van deze verboden geldt al sinds februari 2025.
Wat betekent dit voor generatieve AI?
Voor fiscale en financiële professionals is vooral generatieve AI interessant. Denk aan toepassingen die teksten samenvatten, documenten analyseren of vragen beantwoorden. Ook fiscale AI-toepassingen zoals Nextens Tex laten zien hoe generatieve AI steeds nadrukkelijker onderdeel wordt van het dagelijkse vakinhoudelijke werk.
Het gebruik van zulke AI betekent niet automatisch dat sprake is van hoog-risico-AI. De toepassing en het doel zijn bepalend. Een hulpmiddel om een tekst samen te vatten valt bijvoorbeeld anders binnen het risicomodel dan een systeem dat zelfstandig wordt ingezet bij een belangrijke beslissing over een persoon.
Wel gelden sinds 2 augustus 2026 aanvullende transparantieregels voor bepaalde AI-toepassingen. Zo moeten mensen bij interactieve AI-systemen in beginsel kunnen herkennen dat zij met AI communiceren. Ook gelden regels voor bepaalde synthetische content en deepfakes.
AI-geletterdheid blijft belangrijk
Daarnaast blijft AI-geletterdheid onderdeel van de EU AI Act. Organisaties die AI-systemen aanbieden of gebruiken moeten maatregelen nemen die de ontwikkeling van AI-geletterdheid bij betrokken medewerkers ondersteunen.
Dat betekent echter niet dat iedere werknemer verplicht een gestandaardiseerde AI-training moet volgen. De huidige tekst van de wet schrijft geen vast opleidingsprogramma, certificaat of minimumniveau per medewerker voor. Wel moet rekening worden gehouden met onder meer kennis, ervaring, opleiding en de context waarin AI wordt gebruikt.
Juist binnen de fiscale praktijk is dat onderwerp actueel. Uit het recente NOB-onderzoek blijkt dat AI-gebruik snel groeit, terwijl 80 tot 90 procent van de ondervraagde belastingadviseurs niet of nauwelijks bekend is met de inhoud van de AI Act. Bovendien noemt 92 procent het kritisch beoordelen van AI-output als belangrijke competentie.
De EU AI Act krijgt steeds meer praktische betekenis
De AI Act is geen wet die alleen relevant is voor technologiebedrijven of ontwikkelaars van AI. Ook organisaties die AI gebruiken kunnen ermee te maken krijgen.
Welke verplichtingen precies gelden, hangt daarbij sterk af van de toepassing. Het verschil tussen een AI-hulpmiddel voor tekstcontrole en een systeem dat invloed heeft op belangrijke beslissingen over personen is groot. Juist daarom vormt de indeling naar risico het uitgangspunt van de wet.
Conclusie
AI wordt steeds normaler binnen de fiscale en financiële dienstverlening. Daarmee groeit ook de betekenis van de EU AI Act. De wet probeert niet ieder gebruik van AI op dezelfde manier te reguleren, maar koppelt regels aan de mogelijke risico’s van een toepassing.
Voor fiscale en financiële professionals zijn vooral AI-geletterdheid, transparantie en menselijke controle relevante thema’s. Tegelijk worden de strengere regels voor hoog-risico-AI de komende jaren verder van toepassing. Wie de ontwikkeling van AI in de fiscale praktijk volgt, krijgt daardoor steeds vaker ook met de Europese spelregels eromheen te maken.Wil je weten wat dit specifiek voor jouw organisatie betekent? Neem dan vrijblijvend contact op met een van onze experts. Ze vertellen je er graag meer over.
Wil jij ook veilig van fiscale AI gebruik maken?



