
Ondernemers met een bv krijgen duidelijkheid. De Hoge Raad zet een streep door het verhoogde percentage belastingrente in de vennootschapsbelasting. Sinds 2022 gold daar 8%, terwijl voor andere belastingen 4% gold. Dat verschil is in strijd met evenredigheid en gelijkheid. Het percentage voor de vennootschapsbelasting moet daarom aansluiten bij de lagere rente voor andere belastingen. Dit arrest raakt veel lopende en toekomstige aanslagen en dwingt tot aanpassing van beleid en regelgeving.
8% belastingrente Vpb onverbindend
Op 16 januari 2026 oordeelde de Hoge Raad dat de verhoging naar 8% voor de vennootschapsbelasting niet rechtsgeldig is. De desbetreffende bepaling in het Besluit belasting- en invorderingsrente schendt het evenredigheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel. Dit heeft tot gevolg dat de hogere rente buiten toepassing blijft en aansluit bij het lagere percentage dat ook geldt voor andere belastingen. Daarmee vervalt de afwijking die sinds 2022 bestond.
Van rechtbank naar cassatie
De kwestie begon bij Rechtbank Noord-Nederland. In november 2024 halveerde de rechtbank de belastingrente in een concrete Vpb-zaak van 8% naar 4%. De staatssecretaris ging vervolgens in cassatie. De Hoge Raad verklaarde dat cassatieberoep ongegrond en bevestigde de kern van het rechtbankoordeel. Daarmee is de lijn voor de praktijk gezet.
Waarom hield 8% geen stand?
De staatssecretaris wees op het ondernemingskarakter van vpb-plichtigen en de handelsrente. Aansluiten bij die hogere rente zou voor de hand liggen. De Hoge Raad volgt deze redenering niet. Een (nog te formaliseren) belastingschuld is geen handelsvordering. Bovendien ontbreekt een redelijke rechtvaardiging om vpb-plichtigen structureel zwaarder te belasten dan andere belastingplichtigen. Het verschil diende vooral een budgettair doel en dat is onvoldoende. Zo zijn evenredigheid en gelijkheid geschonden.
Gelijke rente voor gelijke gevallen
Na het arrest geldt dezelfde belastingrente voor vennootschapsbelasting als voor andere belastingen, zoals de inkomstenbelasting. Het percentage wordt dus weer 4% als minimum in plaats van 8% specifiek voor de vpb. Dit brengt de behandeling van belastingplichtigen dichter bij elkaar en sluit beter aan bij het compensatie-karakter van belastingrente.
Belastingrente in het stelsel
Belastingrente compenseert het rentenadeel dat ontstaat als een aanslag te laat wordt vastgesteld of aangepast. Soms vergoedt de Belastingdienst rente; soms betaalt de belastingplichtige. Belastingrente verschilt van invorderingsrente. Invorderingsrente ziet op te late betaling van een formele aanslag. Het wettelijk kader is verspreid over de AWR en het Bbi. De Belastingdienst beschrijft wanneer en hoe belastingrente wordt berekend en verlaagd, en hoe bezwaar werkt.
Einde aan uitzonderingspositie Vpb
De Hoge Raad maakt een einde aan de uitzonderingspositie van de vennootschapsbelasting. Het verhoogde percentage belastingrente van 8% houdt geen stand. Voortaan sluit de belastingrente vpb aan bij het lagere percentage van andere belastingen. Dat is helderder en evenwichtiger binnen het stelsel. Het arrest geeft richting aan beleid, uitvoeringspraktijk en lopende dossiers.
Heb je meer vragen over belastingrente of Vpb?



